Bezoek Iraanse culturele vereniging (OIZD)

Op dinsdag 17 april is de werkgroep Contact met de Stad op bezoek geweest bij Manijeh Karimkhani en Hamid Golyardi, al 28 jaar de drijvende kracht achter de Iraanse culturele vereniging in Delft (OIZD). De vereniging is een samenvoeging van een aantal verenigingen en bestaat uit Ferdosi, de vereniging voor de Perzische taal, en ISAN, de vereniging voor Iraanse studenten. De OIZD organiseert verschillende activiteiten, waaronder Nederlandse taal en conversatielessen, muziek, schilderen en wekelijks een activiteit voor Iraanse vrouwen.

Bij Ferdosi krijgen 48 kinderen van 5 t/m 12 jaar wekelijks les in de Perzische taal. Daarnaast worden diverse sociale en culturele activiteiten georganiseerd, waaronder een aantal Perzische feestdagen. Manijeh Karimkhani stelt op basis van de ervaring over de afgelopen 25 jaar vast dat het leren van de eigen taal bij draagt aan de ontwikkeling van de kinderen. Het versterkt hun gevoel van zelfrespect en vertrouwen. De kennismaking met de eigen cultuur biedt daarnaast houvast voor een kennismaking met andere culturen. Daarmee is het een goede stap in de richting van de multiculturele samenleving. Alhoewel de financiƫle bijdrage van de gemeente Delft beperkt is blijft deze van belang. Essentieel is vooral het beschikbaar stellen door de gemeente van de ruimte in het wijkcentrum De Vleugel. Zonder deze ruimte zou de vereniging niet kunnen functioneren. Sinds kort wordt deze gedeeld met de Burundische culturele vereniging, waarmee in goed overleg afspraken zijn gemaakt.

Delft zou geen kennisstad zijn als er ook niet ongeveer 120 Iranese studenten woonden, waarvan belangrijk deel lid is van ISAN. Voor deze studenten is ISAN een opstap om de weg te leren kennen in Nederland en een goed netwerk op weg naar een stageplek en uiteindelijk een baan. Ten aanzien van dit laatste constateert Hamid Golyardi dat ook de gemeente Delft meer zou kunnen doen om minderheden in dienst te nemen of een stageplek aan te bieden. In de praktijk komt hier te weinig van terecht, terwijl dit op langere termijn niet alleen voor de integratie en ontwikkeling van culturele minderheden van belang is maar ook voor de legitimiteit van het bestuur in een multiculturele samenleving. Voor ons een aansporing om werk te maken van dit programmapunt.